Hoewel de CINEBAR 11 op veel vlakken overtuigt, zijn er ook duidelijke beperkingen die je in overweging moet nemen. Ten eerste is de Dolby Atmos-ervaring grotendeels virtueel: er zijn geen expliciete up-firing drivers die echte hoogte-effecten fysiek naar boven projecteren. In goed gedempte kamers en bij slimme plaatsing werkt de softwarematige Atmos-simulatie uitstekend, maar in grotere of zeer open ruimten mis je soms de volledige driedimensionale impact die een echte 3D-opstelling wél levert.
Een ander aandachtspunt is de beperkte hoeveelheid fysieke ingangen: één HDMI-ingang en één HDMI-uitgang is voldoende voor veel tv-opstellingen, maar als je meerdere HDMI-bronnen direct op de soundbar wilt aansluiten (gameconsole, Blu-ray, streamer), dan ben je beperkt en moet je mogelijk een externe HDMI-switch gebruiken of alles via de tv routen. Daarnaast ontbreekt Wi‑Fi en native netwerkstreaming of integratie met muziekservices en multiroom-platforms; de CINEBAR vertrouwt op Bluetooth (AAC) voor draadloze audio. Voor klanten die Spotify Connect, AirPlay 2 of Chromecast willen, is dit een beperking.
Tot slot: hoewel de T 6 subwoofer compact is en indrukwekkend presteert, kan de bas in zeer kleine, extreem vlakke kamers te prominent overkomen zonder handmatige aanpassing. En ten slotte is er geen uitgebreide automatische kamerkalibratie of mobiele app voor fijne afregeling; veel instellingen gebeuren via de afstandsbediening of on-device knoppen, wat minder nauwkeurig aanvoelt voor audiofielen die graag elke parameter finetunen.